top of page

Hoofdstuk 5 : De kunst van het oorlog voeren

De Chinese samenleving was eeuwenlang gegrond op een diep spiritueel fundament, verankerd in de normen en waarden van de drie grote leerscholen. In het oude China leefden de mensen in overeenstemming met ‘de Tao’, en de samenleving in al haar aspecten was doordrongen van de voortdurende zoektocht naar eenheid en harmonie.

Maar dat betekende niet dat er voortdurend rust en  vrede was in het Middenrijk. De overgang tussen de verschillende dynastieën verliep zeker niet altijd zonder slag of stoot.

​

CHARIOTS 7fa3dd1f923a-oTZbjF Dark.jpg

Enkele van de grootste veldslagen uit de wereldgeschiedenis vonden trouwens op Chinese bodem plaats. Niet toevallig draagt een van de meesterwerken uit de Chinese literatuur dan ook de titel De kunst van het oorlogvoeren. Dit boek, beter bekend onder de Engelse titel The Art of War, werd in de 5e eeuw v.Chr. geschreven door de beroemde Chinese generaal Sun Tzu. Het geldt niet alleen als een klassiek militair traktaat, maar ook als een diep filosofisch werk waarin de relatie tussen strategie, psychologie en macht wordt onderzocht.

​

Het boek bestaat uit dertien hoofdstukken, elk gewijd aan een specifiek aspect van oorlogsvoering, zoals spionage, discipline, terrein, planning en het inzetten van misleiding. De kunst van het oorlogvoeren had niet alleen grote invloed in het oude China, maar vond in de moderne tijd ook wereldwijd navolging. Het boek werd vertaald in talloze talen en wordt tot op de dag van vandaag wereldwijd nog steeds beschouwd als een essentieel naslagwerk voor militaire strategen en generaals. Napoleon, Mao Zedong, en later ook Amerikaanse legerleiders als Colin Powell en Douglas MacArthur stonden erom bekend Sun Tzu’s inzichten te bestuderen. 

Zelfs in het bedrijfsleven en de sportwereld wordt het boek gebruikt, waar strategie en het slim omgaan met tegenstanders centraal staan. Er bestaat zelfs een afgeleide versie die specifiek bedoeld is voor de advocatuur.

 

​

​

Sun Tsu edit.jpg
Oorlogen 1.jpg

Tussen de regels...

De Slag bij Changping: De grootste veldslag uit de Oudheid

China beschikt over een uitgestrekt grondgebied en een eeuwenoude beschaving, maar heeft tevens gefungeerd als een van de belangrijkste strijdtonelen in de wereldgeschiedenis. Door de eeuwen heen vonden er enkele van de grootste en bloedigste veldslagen plaats. Een sprekend voorbeeld daarvan is de Slag bij Changping (262 -260 v.Chr.), die geldt als een van de meest beslissende confrontaties uit de periode van de Strijdende Staten. In dit treffen stonden er in totaal circa 1.000.000 troepen op het slagveld (circa 450.000 troepen van Zhao tegenover ongeveer 550.000 soldaten van Qin).

​

​Na een verbitterde patstelling van twee jaar eindigde de strijd in een catastrofale nederlaag voor Zhao. De overwinning van Qin legde nadien de basis voor de uiteindelijke eenmaking van China onder de Qin-dynastie. 


Deze veldslag geldt in de overlevering zowel als de grootste, en de langst durende veldslag uit de Oudheid alsook een van de bloedigste veldslagen in de geschiedenis van de mensheid. De voornaamste bron uit die tijd is het werk ‘Kronieken van de Grote Historicus’, waarin het aantal slachtoffers wordt geschat op circa 450.000 aan Zhao-zijde en 250.000 aan Qin-zijde. De meeste Zhao-soldaten werden na hun overgave geëxecuteerd door ze levend te begraven. Slechts een kleine groep van zo'n 250 soldaten van Zao werden gespaard. Tot op heden worden er nog steeds beenderen en massagraven op het slagveld aangetroffen.

Slide art of war 2.jpg

De Cyclische Dynastieën tegenover de onverzettelijkheid van de Chinese Cultuur

Het mag duidelijk zijn dat de Chinese geschiedenis op het vlak van oorlogen en veldslagen allerminst een vlekkeloos parcours heeft doorlopen. Het unieke aan China is echter dat telkens wanneer een volgende dynastie haar opwachting maakte, ze pas werkelijk zou worden aanvaard wanneer duidelijk werd dat ze niet alleen kon zorgen voor het behoud van de Chinese cultuur, maar deze ook nog eens verder zou kunnen verrijken. Het is een eigenschap van de Chinese cultuur die we in geen enkele andere cultuur elders in de wereld op dezelfde manier terugvinden.

​

De opeenvolgende dynastieën volgden allemaal hetzelfde vaste patroon van opkomst, hoogtij, degeneratie en verval, als een vanzelfsprekende cyclus volgens hetzelfde ritme dat we herkennen in de overgang van ochtend naar middag, avond en nacht, of het blad aan de boom dat de vier seizoenen doorloopt, alsook in het menselijk lichaam dat geboren wordt, opgroeit, veroudert en uiteindelijk sterft. Het maakt deel uit van de weg van de natuur of wat de oude Chinezen noemde ‘de Tao’. De Tao volgen werd aanzien als een kunst; ertegen ingaan slechts een schaduwgevecht en een zinloze strijd

​

Doorheen 5000 jaar Chinese geschiedenis zouden de verschillende dynastieën op die manier allemaal komen en gaan, terwijl de Chinese cultuur steeds onverzettelijk overeind bleef. Ze trotseerde de eeuwen, werd voortdurend verder verrijkt en groeide uit tot een haast onuitputtelijke bron van mythen, verhalen, legenden, inspiratie en wijsheid...

​

Inleiding.jpg

De piek van de Chinese cultuur

Voorwoord en Inhoud

Het einde

van een eeuwenoud tijdperk

bottom of page